In 1993 schreef Karel Post Uiterweer een
lijvige studie, waarin hij de geschiedenis
van de Antroposofische Vereniging in Nederland in kaart
heeft gebracht. Van deze studie zijn slechts 2 gestencilde
exemplaren beschikbaar, waaronder één die geleend kan
worden bij de Antroposofische Bibliotheek in Den Haag.
(...) Al was Nederland dan
niet direct betrokken bij de Eerste Wereldoorlog, de
oorlogsellende en de na-oorlogse chaos in Duitsland hadden
wel degelijk hun weerslag op de politiek en de economie van
ons land. Reeds tijdens de oorlog begon er een intensief
politiek debat over de koers, die ons land na de oorlog zou
moeten varen. Waren er ingrijpende veranderingen nodig en
zou de staat hierbij het voortouw moeten nemen?
Tegen deze achtergrond hoorde men hier over Steiner's nieuwe
ideeën, aangaande de toekomst van Midden-Europa. Al tijdens
de oorlog had hij zijn maatschappelijke inzichten, bekend
geworden als de idee van de sociale driegeleding, voorgelegd
aan enkele politieke leiders en in 1919 richtte hij zich tot
het grote publiek met een oproep om te komen tot een
waarachtige vernieuwing van het sociale leven teneinde de
chaos te overwinnen.
Door toedoen van de Nederlanders in Dornach werd de tekst
van zijn oproep ook in Nederland bekend. In april werd deze
hier vertaald en gepubliceerd; de ondertekenaars van de
oproep waren prof. H.S. Hallo, de eerste voorzitter van de
Haagse Anthroposofische Vereniging, prof. C. Feldmann,
hoogleraar te Delft, Jacoba van Heemskerck, de heer S.A.
Spaarwater, Marie Tak van Poortvliet, Dr. Elisabeth Vreede
en de componist Henri Zagwijn. De oproep werd verder
ondersteund door ruim tachtig mensen van wie één derde tot
de anthroposofische vereniging behoorde. Er waren opvallend
veel mensen uit Rotterdam bij, waaronder een aantal
industriëlen en kunstenaars. Via een aangehecht
invulformulier kon men aangeven, dat de maatschappelijke
inzichten van Steiner onderschreven werden.
Drie maanden later verscheen de
Nederlands vertaling van Steiner's 'Die Kernpunkte der
sozialen Frage', de vertaalster was mevrouw Tak van
Poortvliet. In die periode werden er ook voordrachten
gehouden over de bedoelingen van de 'driegeledingsgedachte'.
In november 1919
volgde de oprichting van de 'Bond voor drieledige Indeeling
van het Sociale Organisme' met afdelingen in Rotterdam, Den
Haag, Amsterdam en Utrecht. Later zouden er ook in andere
plaatsen nog afdelingen gevormd worden.
De bond gaf een
mededelingenblad uit met de titel "Drieledige Indeeling van
het Sociale Organisme" en daarin stond te lezen, dat de bond
er naar streefde "om inzicht te geven in de noodzakelijkheid
om de drie deelen van het sociale organisme: geestesleven,
rechtsleven en economisch leven ieder op hun eigen grondslag
te plaatsen." De redactie van het blad berustte bij mevrouw
Tak van Poortvliet en bij de heer N.Frankena. Dr. Elisabeth
Vreede en de schrijfster en classica Adelyde Content
schreven naast de twee redacteuren regelmatig in het blad.
De bond bleef lezingen organiseren en nodigde ook sprekers
uit Duitsland uit om hier voordrachten te komen houden over
de driegeleding.
In 1921 veranderde de redactie van het
mededelingenblad van de bond; de uitgever ervan, de heer
P.J. de Haan, nam ook zitting in de redactie. Het doel van
het blad was geleidelijk aan veranderd: de redactie stelde,
dat zij het ideeëngoed der Anthroposofische Beweging en in
het bijzonder de gedachten over de Drieledigheid van het
Sociale Organisme wilde verspreiden. De artikelen bestreken
een veel breder terrein, met name het onderwijs op
anthroposofische grondslag kreeg veel aandacht. Ook
artikelen en voordrachten van Steiner werden in het blad
afgedrukt.
In die jaren na de oorlog waren er
regelmatig Nederlanders op bezoek in Dornach teneinde hier
de voordrachten van Steiner te kunnen horen. Eén van hen was
de jonge arts W. Zeylmans van Emmichoven, in 1920 lid
geworden van de Anthroposofische Vereniging. Er gingen ook
mensen naar Dornach om daar een opleiding te volgen, met
name in de euritmie. Het ging hier vooral om een groep van
jongere mensen, die de weg naar de anthroposofie in of vlak
na de oorlog hadden gevonden.
In 1920 had men in ons land voldoende
geld bijeen weten te brengen om Dr. Steiner uit te nodigen
voor een bezoek. Van 19 februari tot 3 maart 1921 was hij de
gast van de Nederlandse anthroposofen. Het was zijn eerste
buitenlandse bezoek na de wereldoorlog.
Alle voordrachten
die hij dit keer gaf waren openbaar, op één na. In elf dagen
waren er twintig voordrachten resp. in Delft, Amsterdam, Den
Haag, Rotterdam, Hengelo, Hilversum en Utrecht, over
pedagogische, sociale en economische vraagstukken tegen de
achtergrond van de idee der driegeleding.
(wordt vervolgd)